L’Age D’Or Nr 2+3

in Montevideo Gallery, Antwerpen, Belgium, from 06 Feb 1987 to 14 Mar 1987




Balzac:  Alles hierbeneden bestaat slechts door de beweging en het ritme, het nummer... de beweging is op 1 of andere manier het nummer in werking. De beweging is het middel, het nummer het resultaat.

 

De installatie in Montevideo is een stilstaand beeld van een work in progress dat l'Age d'Or nr 2+3 heet en dat in juli '85 begon.

De benedenverdieping is een gesloten circuit gebaseerd op de 5 elementale toegangen naar het astrale vlak.

Op de eerste verdieping is er een kamer, l'Age d'Or nr 2, gebaseerd op de mythe van Prometheus en een performance van DDV uit 1980. De andere kamer is een gesloten circuit van 6 toepassingen op de vorige 2.

Het zijn alle alleenstaande werken die mee door inwerking van de onderverdeling, proporties en atmosfeer van de aangeboden ruimte tot een tijdelijk geheel verstenen, een rustpunt.

 

De syntese van wat in Montevideo gebeurde is dit:

 

2 driehoeken waarvan de opwaartse de man symboliseert en de neerwaartse de vrouw. Dit is dus niet 1 figuur maar een paralel van 2 figuren. Figuren die niet bestaan doch richtingen zijn.

Ik begin aan de top om er ook te eindigen; daarna ga ik loodrecht naar beneden, waar ik ook terug uitkom.

Het centrum van de figuur is een 6, het verschil van de cijfers volgens de pijlen is ook steeds 6.

De binnenwaarts gerichte pijlen bij de vrouw en de naar buiten gerichte voor de man komen bij deze telwijze overeen.

De 6, het magische evenwicht dat onder andere de relatieve noodzakelijkheid van het kwade uitlegt, is hier gebruikt als analoog van vooruitgang: er wordt slechts gevochten tegen dat wat zich verzet.

De oorsprong van dit hele werk ligt in het doorgronden van "de tijd" en te trachten dit visueel uit te drukken. Het is eender vanuit welke hoek men het benadert: men komt steeds bij de getallenleer uit.

Uiteindelijk kom ik op een nieuwe tijdmeting uit, de echte gouden tijd? Een eigenschap van de gouden tijd is dat ze tegelijkertijd geweest is en nog moet komen.

Dit werk heet l'Age d'or nr 2+3 om verschillende redenen.

Ten eerste is l'Age d'or nr 1 een film van Luis Bunuel, waarin de liefde in haar puurste zin wordt uitgebeeld.

Ten tweede is l'Age d'or nr 2 de performance, boven beschreven met de psychische wisselwerking tussen "het mannelijke" en "het vrouwelijke", tussen de denker en het gedachte, als het ware.

(Bij de man is het feit dat hij een denker is, het belangrijkste, bij de vrouw de gedachte zelf, en het ding, dat is van hen beiden).

De 3, die het ding is, is de installatie, is l'Age d'or nr 3.

 

Maar omdat er steeds 2 stilstaande installaties nodig zijn, 1 vluchtige en 1 blijvende, is het dus twee keer 3, wat 6 is, het evenwicht, wat de ene helft is van 12 - de 12 uren van dag en nacht, de onderwerping aan het lot.

De trage golfbeweging in alles wat ons omringt en wat op sommige tijdstippen de mogelijkheid geeft elementen op te pikken, tot stilstand te brengen en te observeren.

 

Bij het zoeken naar bronnen die zich over "de tijd" buigen kom ik steeds terug bij de getallenleer en haar geheimen, ook bij het gebruik van magische spiegels, hermetisme.

De tijd zit ergens tussen herinnering en voorspelling, het astrale vlak beweegt zich in een paralel ruimte-tijd continuum en is de verbeelding van de materie.

Het astrale is eigenlijk een stap voorbij de tijd.

De verbeelding is de realiteit van morgen, het is het vermogen mentale beelden te scheppen. In analogie met computerbeelden zijn mentale beelden ongrijpbaar.

De geesteswereld ziet er volgens de boeken zo uit:

- astrale vlak: fijn

- mentale vlak: fijner

- spirituele vlak: fijnst.

Het lagere astrale, het hogere astrale, het lagere mentale en het hogere mentale, zijn de geestestoestanden die ons van de chaos van de emotionele gedachten, via de beter georganiseerde abstrakte gedachte tot de grote helderheid van het spirituele en de intuitie leiden.

 

Er bestaan magische spiegels om tot die wereld toe te kunnen treden, 5 basis elementale toegangen tot het astrale vlak; die spiegels zijn kleuren:

- zwart (ether/geest)

- blauw (lucht)

- rood (vuur)

- zilver (water)

- geel (aarde)

 

Ik gebruikte deze kleuren op het gelijkvloers als basis voor mijn 5 spiegels.

De eerste, mentale rotatie (zilver/water), staat eigenlijk los van de andere 4, werd apart gemaakt en is de oorsprong van die 4.

Het is het water waaruit we stappen.

 

De strijd tussen de 3 en de 4, is de blauwe en de rode spiegel, 1 geheel vormend, de 3 waaruit zowel de destruktie als het nieuwe tevoorschijn komt, de 3 die staat voor het spirituele, het positieve, het christelijke terwijl de 4 voor het materiële, het vrouwelijke, het duivelse staat:

serpens quadricornutus.

 

 

Het rode gedeelte heeft de naam 'Axioma van Maria de Jodin" omdat zij het is die de essentie van deze strijd vastlegde:

"Uit de 3rde komt zowel de 1 als de 4de".

Voor elke vooruitgang wordt hoedanook een offer gevraagd.

 

The(t) syste(e)m of(van) le(i)aders(c)hi(a)p is de zwarte spiegel die het rood van dat offer in zich draagt. De vierdeling is de weg tot het materiële, wat zo expliciet wordt uitgedrukt dat verdere toelichting overbodig is. (Dit is het cijfer 5, hierofant of meester.)

 

Het werk daartegenover toont l'Age d'or nr 0, het verlangen naar de vlam.

 

Mijn beelden worden niet op een drager gelegd, maar via de achtergrond opgezocht, meestal beperkt tot het allernoodzakelijkst aantal verwijzingen naar de vorm zelf.

Het zijn meer beelden die achterblijven van afbeeldingen die elders werden ingeprent.

De kleuren van de astrale spiegels heb ik voornamelijk gebruikt om de vermeende mogelijkheid die ze bieden een andere realiteit binnen te treden, mentale reizen te maken.

 

De toepassing die de serie van 6 boven is noem ik dan ook "mentale bloemen". De konnektie van de kleuren, met ingebeelde vormen zowel als met menselijke offers leek me ideaal om te koppelen aan de stappen, ondernomen in een onderzoek naar kennisrepresentatie.

De verzameling van deze elementen zijn een genot.

 

AMVK.2.87.



works and articles