Neiging tot Perversie



interview by Danny Ilegems en Koen Van Boxem.
published on 03 Feb 2018 in De Tijd

'Dit is wat me heeft bezield. Dit is wat ik met mijn leven heb gedaan.' Na veertig jaar krijgt de rebelse kunstenares Anne-Mie Van Kerckhoven eindelijk een overzichtsexpo in haar thuishaven Antwerpen. Een gesprek rond tien trefwoorden.

Op een tafel in haar atelier in Borgerhout staat de maquette van de expo in het Museum van Hedendaagse Kunst Antwerpen (M HKA). Op de wanden van bordkarton heeft ze kleine afbeeldingen geplakt van de werken die ze met curator Anders Krueger heeft geselecteerd. Het zijn er zo'n 400. Tekeningen, collages, schilderijen, films, installaties, geluidsopnames. Van het prille begin van haar carrière in de jaren zeventig tot nu.

Een retrospectieve dus? 'De ene noemt het een retrospectieve, de andere niet. Ik weet het ook niet meer', zucht Anne-Mie Van Kerckhoven (66). 'Voor mij is deze expo vooral een confrontatie met mezelf. Ze gaat terug naar het moment dat ik besliste kunstenaar te worden, op mijn 27ste ongeveer. Dit is wat me heeft bezield, dit is wat ik met mijn leven heb gedaan. Ik denk niet dat mijn oeuvre past in de canon van de kunstgeschiedenis. Soms vragen mensen mij: 'Anne-Mie, is wat jij doet wel echte kunst?' Ik snap dat ze mijn werk niet kunnen plaatsen tussen de kunst die ze kennen. Ik maak experimentele kunst.'

Het experiment zit voor een stuk in haar materiaalgebruik: Van Kerckhoven brengt haar teksten en beelden aan op papier, hout, plastic en metaal, ze maakt muziek en films, installaties en zelfs tapijten. Maar haar uniciteit zit in de thema's die ze in haar oeuvre bespeelt. Ze is geobsedeerd door het vrouwelijk naakt en door de mystici uit de 14de eeuw. Ze gelooft rotsvast in de kracht van artificiële intelligentie en wetenschap. In de punkperiode omhelsde ze de attitude van ik tegen de wereld. En tegenwoordig begint ze de dag lezend in de brieven van Wittgenstein.

Tegelijk spreekt uit alles wat ze zegt twijfel. Soms begint ze aan een lange, meanderende redenering om uiteindelijk zichzelf te onderbreken met: 'Eigenlijk is het niet juist wat ik zeg.' Of: 'Ik weet het ook niet.' Uit haar mond klinkt dat ontwapenend oprecht. Het is haar levensfilosofie, zo blijkt: 'Op mijn elfde heb ik een gedicht geschreven over hersenspoeling. We zaten midden in de Koude Oorlog, met propaganda, manipulatie en beïnvloeding langs beide kanten. Ik dacht toen: ik ga later alleen dingen zeggen die ik echt meen. In die periode ben ik ook een fan geworden van de Vlaamse zanger Will Ferdy. Ik voelde dat die mens meende wat hij zong. Ik kon het niet verdragen dat zangers liedjes zongen die ze zelf niet hadden geschreven. Dat was niet oprecht.'

We stellen voor haar leven en werk te overlopen aan de hand van tien trefwoorden. Van Kerckhoven knikt instemmend.

1. Kamers

Interieurs lopen als een rode draad door Van Kerckhovens oeuvre. De fascinatie voor kamers heeft ze van thuis uit. Haar ouders waren aannemers van feesten en partijen voor de Antwerpse beau monde. Als de koning naar Antwerpen kwam, verzorgden haar ouders de catering.

'Ik ben opgegroeid in het patriciërsgebouw waar nu het Echt Antwerps Theater gevestigd is. Behalve feestzalen had ons huis ook heel veel kamers. Elke kamer had haar functie en toegangscode: daar moesten we eten, daar mochten we spelen. We mochten lang niet overal komen, zeker niet als er feesten aan de gang waren. 's Morgens deden we dat natuurlijk wel. Dan gingen we zwemmen in de confetti. Of speelden we op de instrumenten die de muzikanten hadden achtergelaten. En in de weekends verbleven we in een kasteel in Brasschaat, ook een doolhof van kamers. Ik vond mijn jeugd streng gecompartimenteerd. Ik vond dat niet altijd fijn. Nog altijd is elke kamer voor mij beladen met betekenis.'

In haar kunst legt Van Kerckhoven vaak een verband tussen de inkleding van een ruimte en het innerlijke van de mens. Een mooi voorbeeld is haar reeks 'filosofische ruimtes': 19 beelden van interieurs die digitaal werden bewerkt en gelabeld met de namen van grote schrijvers en filosofen zoals Spinoza, Nietzsche, Baudelaire en Maeterlinck.

'Veel mensen denken dat ik van bourgeois komaf ben, maar dat is niet zo. Mijn ouders moesten vooral heel hard werken. Ze wensten geen van hun kinderen dat leven toe, ze wilden niet dat wij de zaak voortzetten. Mijn vader was behalve traiteur ook dichter en liedjesschrijver, en hij maakte amateurfilms. Ik tekende veel. Ik kon goed kijken, zag dingen die anderen niet zagen. Als kind was ik ook gefascineerd door de artiestenverhalen in Paris-Match. Die mannen en vrouwen trokken zich nergens iets van aan, ze deden wat ze wilden. Zo wilde ik ook leven!'

2. Plastic

Even zag het ernaar uit dat Van Kerckhoven als jonge tiener in de leer zou gaan bij de klassieke beeldhouwer Albert Poels, bekend van de 'Lange Wapper' aan het Steen in Antwerpen.

'Mijn ouders waren met hem bevriend en zagen dat helemaal zitten. Poels wilde dat ik de eerste twee jaar zijn kleibakken zou schoonmaken. Vanaf mijn 16de zou ik dan eigen beeldjes mogen maken. Dat zinde me niet. Ik wilde naar de avondacademie en dingen van mezelf maken. Toen dat niet mocht van mijn ouders, dacht ik: 'Dan zoek ik een kunstenaar als lief, dat komt ook in de buurt.' Uiteindelijk ben ik later gewoon naar de Academie gegaan.'

Daar ontdekte Van Kerckhoven plexiglas. Samen met plastic is dat een materiaal waarmee en waarop ze nog vaak werkt. 'In de jaren zestig stonden plexi en plastic voor de vooruitgang. Ik hield van die gladde, glimmende textuur, en van de felle kleuren. Ik werd geïnspireerd door een tante die ook kunstenares was. Ze had haar kamer helemaal bekleed met plastic. Prachtig.'

'Kort nadat ik was afgestudeerd aan de academie, ging ik bij Neorec werken, een bedrijf voor lichtreclame en gevelbekleding. Daar werkten ze veel met neon en plexiglas. Ik mocht elke dag iets mee naar huis nemen uit de container met overschotten. (lacht) Ik heb een voorraad voor de rest van mijn leven.'

'Plastic meubelen, plastic rokjes, plastic laarzen, plastic schoenen. Ik kocht het allemaal. Ik zag ook een verband met de kunstgeschiedenis. Ik dacht: als kunst eeuwig moet zijn, kan je maar beter met niet-afbreekbare materialen werken.'

3. Blootblaadjes

Van Kerckhoven heeft iets met vrouwelijk naakt. 'Ik heb me al vaak afgevraagd waar de obsessie vandaan komt. Waarom ik al die oude blootblaadjes verzamel en de prenten scan om ze in mijn werk te gebruiken. Misschien heeft het te maken met Brigitte Bardot en Sophia Loren. Bij gebrek aan vrouwelijke kunstenaars waren zij mijn rolmodellen. Ik herinner me nog dat beeld van Brigitte Bardot die uit het vliegtuig stapt in Amerika met een kort wollen jurkje aan. Fantastisch!'

'Dertig jaar geleden liet ik mijn horoscoop trekken. 2.000 frank heb ik daarvoor betaald. Neiging tot perversie, luidde het verdict. Ik heb dat rapport meteen in de kachel gegooid. Intussen ben ik erachter gekomen dat perversiteit niet alleen een seksuele lading heeft. De oorspronkelijke betekenis van perversiteit is: iets kapotmaken dat voor iemand anders veel waarde heeft. Je laat een whiskyliefhebber een topfles zien en vervolgens giet je ze leeg in de gootsteen. Dat is pervers.'

'Kunst was in de jaren vijftig en zestig ook pervers. Het was een vorm van anarchie en provocatie waarmee ik me absoluut kon identificeren. Kent u de Franse schrijver en filosoof Bernard le Bovier de Fontenelle? Hij lag samen met Voltaire aan de basis van de verlichting. Hij onderwees vrouwen in de kosmologie, de filosofie en de wetenschap in ruil voor 'bepaalde diensten'. Die combinatie van seks en filosofie vind ik fascinerend. Je vindt ze ook in de literatuur. 'De Kapellekensbaan' van Louis-Paul Boon is een mooi voorbeeld.

'Ik zie ook een verband tussen seks en technologie. Het brein van de man kan zo worden gemanipuleerd dat hij in een lichte staat van opwinding raakt zonder dat van seks sprake is. Neem de zogenaamde stoeipoezen op de autosalons. Die vrouwen hebben een duidelijke functie: de man verleiden tot kopen, níét tot seks. En ze slagen daar nog in ook.'

Over die hele problematiek heb ik in 1996 in Brugge de installatie 'Morele herbewapening' gemaakt, een computergestuurde combinatie van beelden van naakte vrouwen met ingewikkelde teksten over thermodynamica, netwerken, onevenwichten in systemen, enzovoort.'

4. Mystiek

Voor Van Kerckhoven is er een verband tussen de laatmiddeleeuwse wereld van de mystici en de digitalisering van de 21ste eeuw. Een van haar grote inspiratiebronnen is de 13de-eeuwse begijn Margareta Porete, die zich afzette tegen de heersende gewoonten in de kerk.

'Porete was een onafhankelijke denker. Dat spreekt me erg aan. De mystici verzetten zich eigenlijk tegen de opkomst van het individualisme. Ze streefden een universele wereld na. Ik zie dat nu opnieuw gebeuren. De globalisering en de digitalisering maken de wereld weer één. Ik ben niet bang dat de technologie de mens uiteindelijk zal vernietigen, integendeel.'

5. Artificiële intelligentie

Al in de jaren zeventig begon Van Kerckhoven samen te werken met de neurowetenschapper Luc Steels, een pionier in artificiële intelligentie en robotica.

'Luc vroeg me zijn doctoraatsthesis te illustreren met een film. Eigenlijk was het niet meer dan een veredelde diashow. 'Computer Simulation of Parser', zo heette hij. Een parser is een computerprogramma dat grammaticale structuren ontleedt. Tekst en taal zijn voor mij heel belangrijk. In mijn werk gebruik ik teksten als dragers van betekenis én als beeld.'

'Ik koop veel oude boeken en tijdschriften. Gisteren heb ik nog de nieuwe New Scientist gekocht. Ik knip daar woorden en zinnen uit en maak er nieuwe teksten mee. Dat heb ik altijd al gedaan. Op een bepaalde manier ben ik misschien net zoveel experimenteel wetenschapper als kunstenaar.'

6. Club Moral

In 1981 richtte Van Kerckhoven met haar levenspartner en performancekunstenaar Danny Devos (DVV) Club Moral op, een noiseband die al gauw ook een tijdschrift - Force Mental - uitgaf en gelegenheidsexpo's organiseerde. Club Moral bestaat nog altijd, de muzikanten Mauro Pawlowski en Aldo Struyf en de schrijver Paul Mennes hebben er deel van uitgemaakt.

'Club Moral was een exponent van de new wave. Ik was tussen 1977 en 1980 drie keer naar de Verenigde Staten gereisd en had daar veel optredens gezien die het midden hielden tussen experimentele noise en performance. Heel interessant. Ik dacht erover te emigreren, naar New York of L.A. Maar toen leerde ik Danny kennen. Hij was 21, acht jaar jonger dan ik. Ik wilde hem niet achterlaten.'

'Danny is erg belangrijk voor mij. Nog altijd. Dankzij hem ben ik kunnen blijven wie ik was. Met een andere man had ik me zeker moeten aanpassen. Bij Danny niet. We hebben dezelfde kijk op het leven. Danny kende de klassieke kunstcanon beter dan ik. Toen we pas samen waren, zeiden sommige mensen: 'Zijn kunst is beter dan de jouwe.' Dat was vreselijk. We hadden allebei onze vriendenkring, maar dat werden al snel precies twee kampen.

'Het is een wonder dat we samen zijn gebleven. Het was de hel soms. Maar niets of niemand kreeg ons als koppel kapot. Er zit wel een soort eenzaamheid in onze relatie, we leven in onze eigen werelden. Niet alles wat mij interesseert, boeit Danny, en omgekeerd. Eigenlijk trekt hij zich geen fluit aan van wat ik zeg. (lacht) Ik vind dat erg en niet erg.'

7. Punk

'Ik word vaak geassocieerd met punk. Maar eigenlijk was ik al vrij oud toen de punk in 1977 opkwam. Ik was 26. De filosofie was me wel op het lijf geschreven: onafhankelijkheid van denken, do it yourself. Een bevrijding. Al ging dat doen- waar-je-zin-in-hebt soms vrij ver.'

'Ik had destijds een vriend die een handeltje dreef in tweedehands Wurlitzer-jukeboxen, die hij in Engeland ging halen. In Londen had hij ook een vriend die de legendarische punkkledingwinkel BOY op King's Road runde. Daar kocht hij kleren die hij in Brussel doorverkocht.'

'We reden met een camionette heen en weer. Pure smokkel. Op een bepaald moment kwam ik erachter dat mijn vriend niet eens een rijbewijs had. Dat kon toen allemaal. Of liever: wij deden het.' (lacht)

8. Vrouw

'Een kunstenaar mag geen trots hebben. Maar ik heb wel heel veel tegenkanting gekregen. Mensen uit de kunstwereld die de vloer met me aanveegden omdat ze wat ik deed maar niets vonden. Als vrouw kreeg ik het dubbel zo hard te verduren. Ik hoor het Jan Hoet nog zeggen: 'Vrouwen moeten geen kunstenaar worden, die moeten kinderen maken.' Alsof je ervoor kiest om kunstenaar te zijn. Néé, je wordt kunstenaar door een soort innerlijke drang en zelfs dwang.'

'Toen ik jong was, dacht ik ook: ik trouw en ik krijg kinderen. Maar dat paste gewoon niet bij mij. Ik zag mezelf niet naar een crèche gaan of aan de schoolpoort staan. Dat was niet het leven dat ik wilde. Bovendien ben ik van de generatie die zich in de jaren zeventig al afvroeg: moeten we nog wel kinderen op deze wereld zetten?'

'Natuurlijk heb ik nu soms spijt dat ik er geen heb. Ik ben ook maar een mens. Maar ik heb me eigenlijk nooit als een vrouw gezien, laat staan als een moeder. Ik voel me meer een... neutrale persoon. Weet je wat ik graag had willen zijn? Zo'n Russische iconenschilder van honderden jaren geleden. Leven en werken in een klooster, volgens strikte regels, met kunst als een soort venster op de wereld. Maar dat is het dus niet geworden.'

9. Geld

'Rijk ben ik van mijn kunst niet geworden. Begin 2014 was ik zelfs virtueel failliet. Nu hebben we gelukkig een mecenas, die onder andere veel opkoopt van wat we in de tijd van Club Moral produceerden. Dat geeft ons wat ademruimte. En er is een klein clubje van vrienden en verzamelaars die me altijd hebben gesteund. Eigenlijk krijg ik meer erkenning dan dat ik succes heb. Maar goed, wat is erkenning?'

10. Oud worden

'Daar heb ik geen probleem mee. Toen ik jong was, keek ik er al naar uit om oud te worden. Vreemd, hè? Mauro Pawlowski heeft dat ook. Hij schreef er ooit een nummer over: 'Tired of Being Young'.'

'Als kunstenaar leef je buiten de tijd. Je creativiteit ontwikkelt zich in een parallelle dimensie. Je hoort het songschrijvers ook vaak zeggen: 'Mijn liedjes zijn buiten mijn wil om geschreven, ze vloeiden moeiteloos uit mij.' Dat is dat parallel universum waar de dwingelandij van de tijdmeting niet bestaat.'

'Daarom kijk ik er ook niet van op dat sommige mensen mijn huidige werk 'jong' vinden, of me een soort eeuwige jeugd toedichten. Eeuwig jong, eeuwig oud... op een kunstenaar zijn die categorieën eigenlijk niet van toepassing.'

* 'AMVK' opent donderdag in het M HKA in Antwerpen loopt tot 13 mei.

BIO

Anne-Mie Van Kerckhoven (AMVK)  studeerde grafisch design aan de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. Haar oeuvre bestaat uit tekeningen, collages, video's en installaties in uiteenlopende materialen. Mystiek, seksualiteit en artificiële intelligentie zijn terugkerende thema's. Met haar partner Danny Devos (DVV) richtte ze in 1981 de noiseband Club Moral op. Als kunstenares zit ze al enkele decennia onder dak bij Zeno X, de topgalerie die ook Luc Tuymans, Michaël Borremans en Dirk Braeckman vertegenwoordigt. Ze heeft ook een galerie in Berlijn.




Related solo exhibitions: AMVK
20 views